De binnenkant en de buitenkant van je haakwerk te herkennen? Dat doe je met 4 eenvoudige trucjes.

Eén van de meest voorkomende vragen van beginnende hakers, is wat de binnenkant en wat de buitenkant van je haakwerk is als je knuffels haakt. En die vraag is eigenlijk niet zo gek. Je haakwerk krult immers standaard de verkeerde kant op. Dat maakt dat je haakwerk dan eigenlijk binnenstebuiten zit. Op zich is dat niet zo heel erg. Maar er zijn wel wat nadelen aan je haakwerk binnenstebuiten laten.

De nadelen van je haakwerk binnenstebuiten houden.

Als eerste: je steken zien er niet zo mooi uit. De buitenkant je haakwerk bestaat uit allemaal mooie V-tjes. De binnenkant heeft overal nog een horizontaal streepje staan. Die streepjes zorgen voor een minder egaal uitzicht.

Je werkje wordt ook iets hoekiger. Je krijgt een wat spitser, minder afgerond uiterlijk.

Het grootste probleem van de buitenkant aan de binnenkant houden, is dat het heel wat lastiger is om minderingen te maken en je haakwerk te sluiten. Het haken gaat veel makkelijker als je het werk “goed” houdt.

Reden genoeg dus om echt even goed te kijken wat nu precies de binnen en wat nu de buitenkant van je werk is.

Links op de foto zie je hoe het zou moeten zijn: dit is de goede kant naar buiten. Rechts op de foto zie je de verkeerde kant naar buiten.

4 manieren om de binnenkant van de buitenkant in je haakwerk te onderscheiden:

Manier 1: Je haakwerk krult standaard de verkeerde kant op. Je moet altijd je werk binnenstebuiten keren.

Manier 2: De binnenkant is de kant waar je, een extra horizontaal streepje ziet lopen. De buitenkant heeft dat streepje niet.

Manier 3: Als je de juiste kant buiten hebt, dan zie je de 2 beentjes waar je in moet steken goed. Als je haakwerk binnenstebuiten is, dan zie je alleen de achterkant van de achterste lus.

Manier 4: De begindraad van de magische ring zit in de binnenkant van je werk.